Online sociaal leren: verarming of verrijking?

Ik ben een pleitbezorger voor de inzet van online sociaal leren in bedrijfsopleidingen. Hoewel ik daar steeds vaker de handen voor op elkaar krijg, krijg ik nog regelmatig reacties als: “Interessant, maar het haalt het natuurlijk niet bij daadwerkelijk samen komen.” Of: “In deze tijden van bezuiniging is dit een handige manier om kosten te besparen.” Nu is het maar de vraag is of deze beweringen überhaupt waar zijn. Het ligt er bijvoorbeeld maar net aan vanuit welk perspectief je kijkt of je met de inzet van online middelen als communities en blogs ook daadwerkelijk kosten bespaart. Maar belangrijker nog dan die vraag is dat er een gevoel van ‘second best’ in doorklinkt. Een gevoel dat in mijn ogen niet terecht is. Kortom: tijd voor een nieuw pleidooi.

‘Second best’ of verdere evolutie?
Het ligt er maar net aan vanuit welk perspectief je kijkt of je online sociaal leren als ‘second best’ of juist van toegevoegde waarde beschouwt. Dat heeft te maken met de twee dimensies die in online sociaal leren zitten, zoals te zien in onderstaande figuur:

online-sociaal


Individueel-sociaal
Natuurlijk zijn er situaties waarin je het beste alleen leert. Maar kijk je naar de dimensie individueel-sociaal, dan zullen er maar weinig mensen zijn die niet de toegevoegde waarde zien van het met en van elkaar leren. Leren en ontwikkelen zijn namelijk bij uitstek sociale processen. Samen zoeken naar antwoorden op complexe vraagstukken, gezamenlijk innovatieve ideeën ontwikkelen, kennis niet alleen tot je nemen maar deze ook aanvullen en delen. Ze dragen er allemaal aan bij dat we als collectief kunnen groeien. Of dat nu in de context van een school, organisatie of de maatschappij in zijn algemeenheid is. Jane Hart gaat zelfs zo ver dat ze spreekt van verschillende ‘stadia’ in de ontwikkeling van werkplekleren, waarbij het interventiekarakter per stadium steeds socialer wordt, zoals te zien is in onderstaande figuur:

5 Stages of Workplace Learning, Jane Hart.
5 Stages of Workplace Learning, Jane Hart.

Offline-online
Anders is dat voor de dimensie offline-online. Immers, wanneer je je bedenkt dat grofweg 70%[1] van onze communicatie non-verbaal is, is het cruciaal elkaar daadwerkelijk te zien om bijvoorbeeld een rijke interactie tussen lerenden te bewerkstelligen. Of om een goed gedragsassessment van een medewerker te kunnen doen in de totaalcontext van zijn werk. Maar dat is natuurlijk maar één kant van de medaille. Want tegelijkertijd biedt online leren veel meer mogelijkheden als het gaat om snelheid en schaalgrootte. Zo biedt online leren je in potentie de mogelijkheid om alle medewerkers in je organisatie van en met elkaar te laten leren direct op het moment dat zij daar behoefte aan hebben, waar offline/traditionele interventies op z’n best periodiek een handvol medewerkers samen brengen. Dit zijn twee aspecten die vaak onderschat en daardoor onvoldoende benut worden. En aspecten die online leren wel degelijk tot een verrijking kunnen maken.

Sociaal + online: meer dan een webcommunity inrichten
Zowel sociale als online elementen bieden dus kansen voor de verrijking van leeractiviteiten. Of ze dit ook daadwerkelijk doen staat of valt natuurlijk met hoe ze worden ingevuld. Zo zie ik maar al te vaak uitgestorven webfora waar slechts een handjevol vragen zijn gesteld.  Een succesvolle inzet van online sociaal leren vraagt namelijk om twee zaken:

1) Uniekheid. Datgene dat je online en/of sociaal faciliteert, moet een meerwaarde bieden ten opzichte van wat je niet online en/of sociaal doet. Zo heeft het niet zoveel zin om een webcommunity in te richten voor een groep lerenden die elkaar dagelijks ziet op de werkvloer. Klinkt logisch, toch kom ik het regelmatig tegen. Maar uniekheid zit hem ook in unieke werkvormen. En ook daar kunnen veel L&D-adviseurs nog wel wat creatiever in worden. Door verder te denken dan die ‘klassieke’ webcommunity, maar bijvoorbeeld ook eens te kijken naar expert finding en peer support via online tools. Of naar omgevingen waarin lerenden samenproducerend kunnen leren, zoals in de Virtual Action Learning-methodiek.

2) Implementatie. Ik kom regelmatig mensen tegen die verbaasd zijn omdat de online sociale tool die ze beschikbaar hebben gesteld niet tot leven komt. Er wordt nauwelijks gebruik van gemaakt door lerenden, of het niveau van interactie ontstijgt niet dat van ‘hoe is de koffie bij jullie?’. Dat vraagt om een goede begeleiding, een gedegen implementatieplan. Hoe ga je mensen bijvoorbeeld verleiden deel te nemen? Hoe stimuleer je het op gang komen van rijke interactie? Dat kost niet alleen tijd, maar ook inspanning van de organisatie.

Samenvattend: online sociaal leren kan wel degelijk een verrijking voor de leeractiviteiten in je organisatie betekenen, maar cruciaal is dan wel het ‘hoe’. En hier slimme oplossingen voor bedenken vraagt wat van diezelfde organisatie.


[1] Hoe gevaarlijk dergelijke percentages ook zijn natuurlijk.

0 Comments

Leave a reply

©2017 NVO2 - website door Thumbs Up

Log in with your credentials

or    

Forgot your details?

Create Account